Page 19 - Sliedrecht baggerindustrie
P. 19
molens, staande onder Bleskensgraaf. benevens één staande onder
Alblas.
De bemaling heeft sedert 1883 plaats door een schepradstoom-
gemaal. staande in Matena, thans door een motorgemaal. De Polder
Sliedrecht wordt thans bestuurd door een college bestaande uit Voor-
zitter, Secretaris, vier Heemraden (vroeger 7) en een Penninqrnees-
ter. In het Hoogheemraadschap van de Alblasserwaard wordt hij ver-
tegenwoordigd door een gecommitteerde.
Komen we nu weer terug op het dorp.
De oudste berichten getuigen niet van een rooskleurig en toestand,
zoo waren er in 1514 slechts 75 haardsteden. In 1632 toen de Ver-
ponding opnieuw werd vastgesteld stonden er in Sliedrecht slechts
104 huizen, terwijl weer een oudere opgave 285 huizen vermeldt.
In de 17de en 18de eeuw werd een aanzienlijk aantal huizen bij-
gebouwd, 'en stond de bevolking toen reeds bekend door de bedrijven
die zij uitoefende, namelijk het snijden en drogen van biezen, het mat-
ten van stoelen, touwslagerijen, visscherij, landbouw en veeteelt.
Eerst in de 19de eeuw is vooral het aannemen en uitvoeren van
groote graafwerken, het uitdiepen van rivieren en kanalen een bedrijf
geworden, waardoor Sliedrecht en zijn polderwerkers over de geheele
wereld vermaard zijn en waarover in een afzonderlijk hoofdstuk in dit
boekje nog het een en ander wordt gezegd.
De tegenwoordige gemeente was en is nog de grootste in de AI~
blasserwaard, zoowel in bunder- als in zielental.
Oudtijds zei men: "Sliedrecht groot, Alblas rijk".
Nu is Sliedrecht èn groot èn rijk.
Merkwaardige oude g~bouwen bezit Sliedrecht behalve de Kerk
niet, of men zou nog kunnen noemen het huis "Blyenburgh", dat in de
17de eeuw door een der ambachtsheeren van dien naam gesticht werd
als rechthuis. Dit huis staande tegenover het Stoombootenveer "Bene~
denveer" doet thans nog dienst als onderwijzerswoning en is eiq en-
dom van de Gemeente.
De Kerk die aan St. Pieter gewijd was, werd in den aanvang
der 16de eeuw door de Gelderschen verwoest. De daarna herbouwde
Kerk brandde af in 1762, 10 Maart, een uur na het einde der preek.
Reeds spoedig werd door de Opperkerkmeesteren een adres tot
de Staten van Holland gericht om steun voor den herbouw der Kerk.
Het verzoek werd deels ingewilligd en Sliedrecht kon tevreden zijn
met het verkregene.
In de 19de eeuw werd de Kerk vervolgens vergroot, inwendig
verfraaid en van een orgel voorzien. Op den 2den Kerstdag van het
jaar 1852 werd ze plechtig ingewijd. Het bestek van de nieuwe kerk
berust in het archief der gemeente.
Wat het bestuur en de rechtsbedeeling betreft, stond Sliedrecht
17

