Page 23 - Sliedrecht 1949-1945
P. 23
Vrouwen en ook meisjes dienden Rustig stapte zij op Kragt toe,
onderduikers, dus hun land; die tezamen met een mof
reikten door één wil verbonden contröleerde haar papieren,
altijd hulpzaam hem de hand. 't Was in orde, wat een bof!
Doch ook in nog andre dmgen Echter Kragt kon 't niet verkroppen
deden zij bedaard hun plicht. en sprak tot den rasgermaan
Hun prestaties schat men thans zelfs "Moet een koerierster van de Tommies"
nu 't bekend wordt, veel te licht. Zoo maar rustig verder gaan?
Wapens, wapens waren noodig Eerst nu opende zij de sluizen
voor de knokploeg, uit de stad van hare welsprekendheid.
en de zwakke sekse toonde 't Slot van 't lied was: "Geh weiter"
zich voor moffen veel te glad. Kragtje barstte haast van nijd.
Zeek're keer ging 'n koerierster Ja, die Duitsehers waren suffers.
met een koffer vroeg op pad, Luister: Heinz reed eens heel traag
met den trein naar Rotterd,am toe naast een vermeenden Nederlander,
waar zij een karweitje had. "ganz gemütlich" langs de Graaf.
Wat gebeurt aan de overzijde?
H. Daar gaat 'n koerierstertje per fiets
met zes Engelsche piloten,
Aan 't D.P. station gekomen aan hun neuzen zag men niets.
maakte 't Herrenvolk zich druk
'met controle, doch het meisje HI.
raakte heusch niet van haar stuk.
Heel gewillig ging het deksel "Karolientje" riep de buurman
van de koffer naar omhoog, van ons Heinzelmännchen uit
't Hitlerschoffie kon lang kijken, "Hé, bonjour" was 't vroolijk antwoord
n i ets ontdekte zijn spiedersoog. 't klonk haast als een lachgeluid.
En die mof, die dooie diender
'n Leege koffer! "Geh'n Sie weiter!" keek eens naar z'n kameraad,
"Alstublieft" en zij ging heen. Hij reed, zonder dat hij het vermoedde
Even keek hij wat wantrouwig naast een Engelsche Janmaat!
tot z' in 't stadsgewoel verdween.
Nu de terugreis! Weer een koffer, Met een zender in zijn koffer
thans gevuld met schietgerei, trok Jack door een groot gebied,
handgranaten, stens, patronen, zoo vlot ging het onze Tommie
meer kon er toch heusch niet bij. in ons dierbaar landje niet.
Nu eens was hij bij een burger,
Bovendien bracht deze Kenau maar dat duurde vaak niet lang,
nog meer van dat speelgoed mee, want zij zochten gauw een uitvlucht,
goed verborgen in haar kleeren, maakten zich zoo spoedig bang!
viel dat vrachtje haar niet mee!
Eén ding was er, dat zij vreesde: Dan was het weer "zoek" geblazen,
De controle bij 't station! 'n nieuw tehuis moest opgespoord
En met lood (niet in haar schoenen) en dat kostte ons veel moeite.
zei ze tot zich zelf: "allons" Ongastvrijheid ..... : ongehoord!
"Voorwaarts marsch! het zal wel lukken". Doch gelukkig zijn er menschen,
Er overkwam haar niets' geen kwaads, die hun plicht hebben verstaan,
Want de rasgermanenkweekers deze handelden! al hebben
waren op een and're plaats. zij veel angsten uitgestaan.
Veilig bracht zij nu haar vrachtje Ook kritiek werd er gegeven:
met een kloppend hart naar huis, "die B.S., wat die toch is?
onderwijl de Duitschers pochten: Als je meent, 't zijn allen helden,
"Aan ons oog ontsnapt geen muis". nou dan heb je 't aardig mis'
'n Volgend keer, 't was bij de spoorbrug 't is als immer in de wereld:
reed 'ru koerierster langs den dijk, "de beste stuurlui staan aan wal"
toen zij door Heer Kragt bemerkt werd, Wie z'n plicht ook mocht verzaken,
rtep hij: "stop, of 'k sla je lijk!" de S.G.'ers stonden pal!
24

